Waarom ik Tayrona National Park tegen vond vallen

De avond valt en ik lig in de hangmat op het balkon van mijn houten hut, ergens op een heuvelrug in de jungle aan de rand van het Tayrona National Park.

Het is een plek die mijn gedachten uitwist en me stil maakt.

Rond me klimmen felle bougainvillea’s over het balkon, ze steken vurig af tegen het bruine hout, de blauwe lucht en het groene regenwoud.

Hier hoor je geen auto’s en motoren, maar enkel het eeuwige geluid van de roerige zee, het gezoem van kolibries en krekels die je in slaap zingen. En af en toe een krolse kat.

Ken je het boek The Beach (echt lezen hoor!) waarin de hoofdrolspelers door de Thaise jungle struinen, het struikgewas uit de weg slaan en totaal onverwacht op een verlaten strand uitkomen?

Da’s een beetje wat ik in mijn hoofd had toen ik dacht aan het Tayrona National Park, voordat ik er ook maar iemand over had gehoord. Met als grote verschil dat deze immense wildernis in Colombia en niet in Thailand ligt.

Het aan de noordkust van Colombia gelegen Tayrona National Park is een uitgestrekt natuurgebied in de Sierra Nevada, met kilometers aan prachtige stranden, weelderige jungle, inheemse dorpjes en heuvelachtige landschappen. Misschien ken je de inmiddels vrij bekende foto van Cabo San Juan Del Guia, het bekendste strand van Tayrona, wel? En voor ik het vergeet: met het nodige geluk spot je nog enkele nieuwsgierige aapjes in het woud. In mijn geval lieten ze zich maar al te graag zien.

Maar let op…

Wanneer je naar Parque Nacional Natural Tayrona -zoals ze in het Spaans wordt genoemd- gaat, dan zal je behoorlijk wat moeten wandelen om bij de stranden te komen, iets waar reizigers niet altijd even goed op voorbereid zijn.

En als mensen de foto’s van populaire Cabo San Juan Beach zien denken ze aan een rustig paradijsje. In werkelijkheid komen ze helaas van een koude kermis thuis: het blijkt er superdruk en commercieel te zijn.

Ook heb je een heleboel opties om uit te kiezen, denk aan het aantal dagen om te blijven, de plekken om te bezoeken en de routes om af te leggen. Hierdoor kan het allemaal behoorlijk overweldigend zijn, waardoor je uiteindelijk door de bomen het bos niet meer ziet.

Als je van plan bent om naar het Tayrona National Park te gaan en je wilt graag meer weten over de dingen die je kunt verwachten, raad ik je aan om deze handige gids vol tips te lezen. Ik vertel je alles over de bezienswaardigheden en de dingen die er te doen zijn, wat je mee moet nemen, waar je kan verblijven, de kosten om rekening mee te houden en hoeveel dagen ik je aanraad om er te blijven. Ook deel ik mijn ervaringen met je, en waarom ik het er allemaal niet zo bijzonder vond.

Een stukje geschiedenis over Tayrona

Deze aapjes zijn zo schattig hè

‘Tairona’ is de naam van de indianen die in Colombia leefden voordat de Spanjaarden het land koloniseerden en de Tairona-cultuur uit elkaar geslagen werd. Veel van de Tairona’s werden vermoord, sommigen wisten te vluchten naar de bergen van de Sierra Nevada. Vandaag de dag zijn de Wiwa-, Kogui-, Arhuacos- en Karkuamo-indianen de mensen die ervan afstammen.

Velen van hen leven in het nationale park, volledig in harmonie met de natuur, en geven niks om materialisme en de Westerse kijk op de samenleving. Ze zien het zelfs als een gevaar. Totaal anders dan de moderne mens gewend is. Hoewel, helemaal waar is dit anno 2026 ook niet meer hoor. Ik heb ze evengoed met aan hun telefoon gekluisterd gezien…

Om de bewoners te beschermen wordt het Tayrona National Park ieder jaar voor ongeveer 1,5e maand gesloten, zo krijgen ze de tijd en ruimte om hun rituelen uit te voeren, kan natuur z’n werk te doen en blijft alles zo puur mogelijk.

 

Mijn ervaringen in het Tayrona National Park

Het eerste strand dat ik te zien kreeg

Hieronder neem ik je mee naar de wandeling die ik deed van El Zaino naar Cabo San Juan Del Guia. En ik vertel je waarom het me best wel tegenviel.

 

Wachten, wachten, wachten

Het begon eigenlijk al bij binnenkomst. Ik dacht ik ben er rond negen uur, dan ben ik de eventuele menigte sowieso voor. Dat was dan misschien wel zo, maar alsnog moest ik een uur in de rij wachten. Het was te bizar voor woorden hoe tergend langzaam het ging. Bij een aantal van de loketten zaten de medewerkers lekker op hun telefoon te spelen, terwijl er tig mensen geholpen moesten worden. Het leek ze geen reet te boeien.

Vlak voor ik in diezelfde rij aansloot, verzocht een chagrijnig kijkende vrouw me om een verzekering voor 7.000 peso te kopen. Pure onzin als je het mij vraagt, alleen heb je geen andere keus. De stevig behaarde verkoper, die ook op z’n telefoon filmpjes zat te kijken, noemde me zoals zovelen hier “amigo” en gaf me een blauw polsbandje dat diende als bewijsje. Die deed ik nogal strak om mijn knokige pols, en dus probeerde ik hem ietsje losser te doen. Gezien het type polsbandje, zo’n ding in een felle kleur wat je tevens op festivals wel eens krijgt, ging dat finaal fout. Scheur je ‘m los, krijg je hem met geen mogelijkheid meer dicht. Dan maar even een nieuwe vragen, zo dacht ik. Nou mooi niet, liet meneer duidelijk weten. Ondanks er honderden op voorraad te hebben.

Toen heb ik datzelfde bandje met wat houtje-touwtje-werk om mijn pols weten te krijgen. Werd ik naderhand bij het checkpunt nog bijna geweigerd ook.

De dag begon al met al geweldig, zoals je al doorhebt. 😉

Na het (belachelijke en jaarlijks telkens maar stijgend blijvende) bedrag van 81.000 peso -tegen de 20 piek- afgetikt te hebben bij de kassa, kon ik eindelijk doorgaan en beginnen aan waar ik voor gekomen was: hiken in het nationale park.

(Wat ze met al die inkomsten doen is me overigens een raadsel, want de aangelegde boardwalks zijn op nogal wat plekken drastisch aan vernieuwing toe.)

 

Asfalt

Daar waar ik jungle verwachtte, was de realiteit bitter: asfalt met langsrazende busjes, scooters en auto’s.

De busjes die op- en afrijden

“Ik mag toch hopen dat dit straks anders wordt,” zei ik tegen twee Duitse meisjes die evenals ik een tikkie teleurgesteld waren over het decor. Oké, de brede weg had dan wel natuur aan weerszijden, maar als ik iets niet had verwacht in een nationaal park was het wel een lange lap asfalt met als klap op de vuurpijl ook nog eens verkeer. Tuurlijk, ik had me beter kunnen voorbereiden, maar toch.

Die verharde weg bleek uiteindelijk 5 kilometer lang te zijn. Zo’n beetje de helft van de wandeling naar Cabo San Juan, het populairste strand van Tayrona National Park.

Op het punt waar diezelfde weg doodloopt, stoppen ook de busjes (onder andere oude Mercedessen van het type Sprinter) met mensen die ervoor kiezen niet te lopen wat ze niet hoeven te lopen. Lege busjes sjezen terug naar de hoofdingang om nieuwe klanten op te halen.

Dit is het begin na de verharde weg

Hoewel daarna gelukkig wél jungle met slingerende paden volgde, gaven de houten boardwalks en trappen me de indruk in een iets te veel opgezette omgeving te lopen.

 

Aapjes, ongemak en selfies op Cabo San Juan

Oké, iets positiefs dan.

Wat ontzettend gaaf was waren de kapucijnaapjes die zomaar ten tonele verschenen. Een voltallige vriendengroep. Echt schattige beestjes, met hun gerimpelde gezichtjes, onnozele blikken en de capriolen die ze uithalen. En zonder die brutaliteit die makaken vaak hebben, ze waren in elk geval totaal niet geïnteresseerd in spullen van mij en de anderen.

Even koekeloeren…
Superdichtbij

Een minuut of twintig later kwam ik bij een uitkijkpunt, waar iemand een ijskraam in elkaar had geknutseld. Vanaf de rotsuitstulping keek een transvrouw indringend naar me, terwijl ze aan haar waterijsje sabbelde. Laat ik zeggen dat ik er redelijk ongemakkelijk van werd en me niet echt een houding wist te geven.

Tot mijn opluchting duurde het niet lang (al leek de tijd stil te staan), en ging ze er met haar veel kleinere vriendin vandoor. Haar zware stem en ietwat grove bouw verraadden haar verleden. Een moment waarop ik een beetje met haar te doen kreeg en me realiseerde hoe zwaar mensen die zo’n traject ingaan het moeten hebben. Dat ze ook nog eens volledig onder de rode bulten van zandvlooienbeten zat, versterkte mijn gevoel van medelijden. Buiten het feit dat het er haar niet bepaald mooier op maakte, wist ik maar al te goed hoe hels de jeuk van deze kraters was. Godzijdank was ik er na wekenlang eindelijk bijna vanaf.

Een eindje verderop werd ik plotseling omsingeld door kronkelige bomen, alsof ze tijdens een ritmische dans in de vriesstand gekomen waren of zo.

Om je er een beeld bij te geven

Toen ik vervolgens uit een sleuf van oeroude stenen liep, zag ik voor het eerst die dag lianen, volledig in elkaar verstrikt. Deze acrobaten uit het regenwoud slingerden zichzelf in nog opmerkelijkere vormen dan de bomen even ervoor.

Lianen als touwen

Later kwam ik bij de plek waar zowat iedere Colombiaan compleet gek van is: Cabo San Juan. Een potentieel schitterend strand in de vorm van een grote vogel die zijn vleugels uitslaat, gescheiden door een enorme rots. (Desondanks zeker niet hagelwit zoals niet zelden wordt beweerd, eerder gelig.) De mindere kant is dat het er helaas retedruk is, commercie als een deken over de baai hangt en het allemaal een beetje gemaakt voelt.

Een van de kanten van Cabo San Juan

Toen ik de rots op klom om van een hopelijk panoramisch uitzicht te kunnen genieten, was het eerste wat ik zag een meid van een jaar of twintig die in haar string selfies stond te nemen. Haar telefoon op de zelfontspanner, beentjes in die ene pose (die je tegenwoordig zo vaak ziet) zodat de heupen extra geaccentueerd werden en heen en weer lopen om te checken of ze er goed opstond. Tien minuten later ging ik terug naar beneden en was de fotosessie nog steeds gaande. Zou ze dit strand eigenlijk wel echt gezien hebben?

Cabo San Juan vanaf het viewpoint

Toch had ik eerder tijdens de wandeling wel degelijk een wow-momentje. Het was onderweg naar Cabo San Juan, toen ik door een rotsspleet keek en een goudgele zandbank zover ik kon zien zag liggen, grenzend aan torenend regenwoud. Rauw en onaangetast.

 

Hardlopend terug

Het contrast met hoe ik Cabo San Juan beleefde en de blijheid op de gezichten van de mensen op het strand was groot.

Tamelijk abrupt nam ik het besluit hier niet langer te willen blijven.

Kort erna ben ik een eind gaan hardlopen. Er lag, inclusief de weg van de hoofdingang naar mijn hutje in de bergen, nog een lichtzure vijftien kilometer op me te wachten.

Op een bepaald ogenblik ben ik even gestopt bij een inheemse man die ijskoude kokosnoten verkocht. Precies het drankje waar ik naar snakte. De eeuwige vraag waarom ook deze dingen drie keer zo duur moesten zijn als in Zuidoost-Azië liet ik voor nu maar even los. Doordrenkt van het zweet goot ik het zoete kokoswater in mijn mond.

Kokoswater, daar had ik nu pas echt zin in

Verder is er weinig boeiends meer voorgevallen op de terugweg. Op één ding na dan: het oorverdovende gebulder van brulapen schalde door het dichte woud. Als je dit voor het eerst hoort, zou je zweren dat er iets ergs aan de hand is. Het is een indrukwekkend samenspel van brullen.

Terug bij de ingang kon ik nog net de laatste tien minuten van Real Madrid – Bayern München meepakken. De conclusie was mij voor wel duidelijk: ik vond het Tayrona National Park niet zo boeiend. Te veel mensen, te commercieel, te veel ‘opgezet’. De Lost City Trek vond ik veel vetter. Daarentegen was de accommodatie waar ik verbleef echt een pareltje. Voor mij hét hoogtepunt van Tayrona, en dus niet zozeer het park zelf.

 

Een hidden gem als hoogtepunt

En dat pareltje heet La Casita Del Bosque.

Ik ben deze accommodatie op het spoor gekomen door mijn neefje, die er een paar jaar geleden met z’n vriendin geweest was.

Het huisje waar ik vertoefde

Ze hebben er drie houten huisjes in de wildernis, gebouwd op een afgelegen bergflank met uitzicht op het ontembare regenwoud en de eindeloze zee. Iedere ochtend zie je vanuit je hangmat de zon achter de zee oprijzen. Kolibries zoemen langs om hun lange snavels in grote tropische bloemen te steken en felle bougainvillea’s zorgen voor een prachtig contrast met al het weelderige groen.

Heb je geen simkaart, dan heb je geen internet in je hutje. Wifi is er enkel in het hoofdgebouw, waar je een keuken hebt en ’s ochtends het lekkere ontbijt wordt opgediend.

Een lekker ontbijtje voor vertrek naar het nationale park

En dat helemaal vrij zijn van prikkels is ronduit heerlijk. Ik sliep meestal al rond zeven uur om ruim voor de zonsopkomst wakker te worden. Heb je internet (en afleiding), dan zit je toch alweer gauw een uur (of langer) op je telefoon of laptop te kloten. Zodra je je ogen sluit, zijn het louter nog de woelige zee en de zingende krekels die je hoort.

De zonsopkomst

Het is oprecht een droomplek wat mij betreft. Tenzij je niet van stilte, rust en natuur houdt en liever in de reuring bivakkeert. Al houden we diep van binnen allemaal van zulke plekjes denk ik. 🙂

 

De wandelingen die je in het Tayrona National Park kunt doen

In dit gedeelte bespreek ik de twee meest gebruikelijke wandelingen om af te leggen in het Tayrona National Park.

 

Van El Zaino naar Cabo San Juan Del Guia

Cabo San Juan vlak nadat ik aankwam

De populairste wandeling is die van de hoofdingang bij El Zaino naar Cabo San Juan Del Guia -kortweg: ‘Cabo San Juan’-, het meest bekende strand van het Tayrona National Park. Deze hike duurt om en nabij de 3 uur en tijdens de wandeling kom je door de jungle en langs de stranden van Arrecifes en La Piscina. Let op: je moet hetzelfde traject ook weer in omgekeerde richting afleggen. Het is de wandeling die ikzelf heb gedaan (heen en terug) en hierboven beschreven heb.

Wil je op dag 2 het park weer verlaten, dan is het leuk om in plaats van naar El Zaino via Pueblito richting de uitgang bij Calabazo te lopen.

Tot slot is het goed om te weten dan je geen gids nodig hebt in het nationale park. De trails zijn duidelijk en alles spreekt voor zich. Goede wandelschoenen, bijvoorbeeld hardloopschoenen van Asics -die heb ik altijd-, voldoen prima. Zelfs normale schoenen zullen voldoen, het parcours is bijvoorbeeld niet zo uitdagend als tijdens de Lost City Trek.

 

Van Calabazo naar El Zaino

Playa Arrecifes van boven gezien

In plaats van El Zaino kan je ook starten bij Calabazo, je kiest dan voor de veel rustigere variant. Wel zeg ik je er direct bij dat deze hike een stuk steiler is dan die van El Zaino naar Cabo San Juan.

In 3 tot 3,5 uur wandel je (veelal) bergopwaarts richting Playa Brava. Hier zal je een stuk minder mensen treffen dan op het hectische Cabo San Juan en een hoop hikers kiezen ervoor om hier de nacht door te brengen.

De volgende ochtend sta je vroeg op om voor de drukte op Cabo San Juan te zijn (2,5 uur wandelen). Daar chill je wat om daarna naar Arrecifes te hiken (30 minuten), waar je kan overnachten op de camping die er is (overnachten op Cabo San Juan is eveneens mogelijk). Of je loopt linea recta naar El Zaino, als je 1 nacht in het park voldoende vindt.

Als alternatief kun je een motortaxi nemen van Calabazo die je ergens dieper in de jungle afzet. Reken op 20 minuten rijden (en een dik uur besparen aan lopen) en 40.000 COP (Colombiaanse peso) tot 50.000 COP als extra kosten. Dit is een aanrader indien je voor een (zware) dagtrip kiest en Cabo San Juan in betrekkelijke rust wilt ervaren. Ga dan wel zo vroeg mogelijk.

 

Welke stranden zijn er in het Tayrona National Park?

Playa La Piscina

Om te beginnen vertel ik je alvast dat je niet bij ieder strand kunt zwemmen, ik zal telkens even aangeven of dit mogelijk is.

Ben verder niet in de illusie dat de stranden hagelwit zijn. Dit is op tal van websites te lezen, maar het zand heeft eerder een gele kleur.

Dat gezegd hebbende, je kunt de volgende stranden bezoeken:

  • Playa Brava: een mooi en rustig strand met behoorlijk hoge golven. Je kan er zwemmen maar kijk goed uit. Er is hier ook nog een gave waterval trouwens. De wandeling om er te komen is behoorlijk zwaar en duurt 3 tot 3,5 uur vanuit de Calabazo-ingang, dé reden waarom er zo weinig mensen zijn.
  • Cabo San Juan: dit is het populairste strand dat je van foto’s kent. Grote rotsblokken omringen twee fotogenieke baaien. Golven heb je er amper, waardoor zwemmen veilig is. Nadeel: het is er vaak superdruk, wat jammer is. Blijf je echter slapen en ga je vroeg uit de veren, dan zal je de magie van deze spot absoluut ervaren.
  • Playa Nudista: dit relatief rustige strand is de moeite waard en met name als je wilt ontsnappen aan de drukte van Cabo San Juan. De wandeling is slechts een kwartiertje. Laat je trouwens niet afschrikken door de naam, je kunt er gewoon in je zwemkleding naartoe.
  • Playa La Piscina: zeker een van de mooiste stranden van Tayrona en je kunt er bovendien goed zwemmen en snorkelen.
  • Playa Canaveral: deze baai ligt vlakbij de Zaino-ingang. Omdat hij niet op de geijkte route ligt, slaan de meeste mensen het strand over. Heb je de tijd, dan is het niettemin de moeite om er een kijkje te nemen. Al is zwemmen hier vrij gevaarlijk en enkel mogelijk bij het gedeelte ‘La Piscinita’.
  • Playa Arrecifes: heeft mooie, ruige stukken. Wegens de sterke stroming kun je er alleen niet zwemmen, er zijn in het verleden zelfs meerdere mensen verdronken. Vlakbij is Camping Playa Arrecifes.

 

Hoelang ben je onderweg tussen de verschillende plekken?

Een ongerept stukje jungle

Om je helpen heb ik een overzicht voor je gemaakt met de tijd die je aan het wandelen bent om van de ene naar de andere plek te komen. Let op: dit zijn tijden die geen rekening houden met stops die je maakt.

  • Van de Zaino-ingang naar Cañaveral: 1 uur lopen (vrij saaie route over asfalt) of 10 minuten met een shuttle-bus (om het asfalt over te slaan).
  • Van de Zaino-ingang naar Cabo San Juan: 2,5 uur.
  • Van de Zaino-ingang naar Nine Piedras: 1,5 uur.
  • Van Cañaveral naar Arrecife: 50 minuten.
  • Van Arrecife naar La Piscina: 20 minuten.
  • Van La Piscina naar Cabo San Juan: 30 minuten.
  • Van Cabo San Juan naar het nudistenstrand: 15 minuten.
  • Van Cabo San Juan naar Pueblito: 1 uur en 50 minuten.
  • Van Cabo San Juan naar Arrecifes: 30 minuten.
  • Van Pueblito naar Playa Brava: 1 uur en 30 munten.
  • Van de Calabazo-ingang naar Pueblito: 1 uur en 55 minuten.
  • Van de Calabazo-ingang naar Playa Brava: 2,5 uur.
  • Van Playa Brava naar Cabo San Juan: 2,5 uur.

 

Wat is er nog meer te doen in het Tayrona National Park?

Cabo San Juan ziet er zo uit vanaf het viewpoint

Als je langer in het nationale park wilt blijven dan 1 nacht, is het leuk om op de tweede dag vanuit Cabo San Juan door te hiken naar Playa Brava. Dit is een behoorlijk inspannende klim van zo’n 3 uur, maar het zal je meteen opvallen dat je veel minder mensen tegenkomt dan tijdens de eerste dag.

Een andere optie is om richting het 500 jaar oude inheemse dorp Pueblito te wandelen. Vanuit Cabo San Juan duurt dit 3 tot 4 uur en je trekt diep de jungle in, wat een vette ervaring is. Weet wel dat de locals die er wonen niet op pottenkijkers zitten te wachten. Heb daarom respect en ga geen foto’s van de mensen maken of zo, ook niet als je ze onderweg tegenkomt.

Of doe de Nine Stones Trail a.k.a. de Nine Piedras. Het is een hike die maar weinig mensen afleggen. Je komt via de jungle uit bij grote rotsen met een gat in het midden, in de buurt van Cañaveral.

Tot slot is snorkelen bij La Piscina een aanrader, al heb ik dat hierboven bij de stranden al even genoemd.

 

Wat neem je mee?

Het is in ieder geval niet toegestaan om alcohol mee te nemen (hoewel ze je tas niet checken), al kan je wel een biertje in het nationale park kopen. Sowieso zijn er eetzaakjes en shops waar je terechtkunt voor water, snacks, rijst en zulk soort dingen. Het is er echter wel prijziger dan je buiten het park gewend bent. Maar goed, je hoeft in elk geval geen kilo’s voedsel in je tas te stoppen, en gelukkig maar.

De paklijst voor een dagtrip ziet er als volgt uit:

  • Je paspoort, deze moet je laten zien bij de ingang (een screenshot op je telefoon voldoet ook).
  • Voldoende cash, er is geen pinautomaat in de buurt.
  • Een hervulbare waterfles.
  • Snacks, denk aan chocola en zoute pinda’s.
  • Een zonnebril.
  • Je telefoon. Eventueel met powerbank.
  • Zwemkleding en een microvezel-handdoek.
  • Hardloopschoenen of soortgelijk om op te lopen.
  • Een tasje om je rotzooi in te doen.
  • Een zaklampje (kan ook via je telefoon).
  • Toiletpapier.
  • Spray of crème tegen muggen (al had ik dit niet nodig, vond het erg meevallen).
  • Optioneel: snorkelspullen (maar verwacht geen wonderen).

Ga je meerdere dagen, denk dan ook aan het volgende:

  • Toiletspullen.
  • Een slotje om je kluisje op de camping af te sluiten.
  • Sokken en lange mouwen. Voor als het afkoelt en tegen de aanwezige zandvlooien (ik heb ze gelukkig niet gezien).
  • Schone kleren voor de volgende dag(en).

 

Wat zijn de kosten die je kunt verwachten?

🙂

De entree bedraagt in 2026 81.000 COP in het laagseizoen en 96.500 COP in het hoogseizoen (deze prijzen worden doorlopend verhoogd). Daar komt de verplichte verzekering van 7.000 COP nog eens bij.

Diezelfde verzekering is geldig voor 1 dag, blijf je langer dan betaal je dus meer: 7.000 COP per dag.

Hieronder de andere prijzen waar je rekening mee moet houden:

  • Een biertje: 8.000 COP tot 10.000 COP voor een blikje.
  • 1 liter water: 5.000 COP.
  • Een kokosnoot: 10.000 COP.
  • Een zakje cocabladeren: 10.000 COP.
  • Ontbijt bij een restaurant: 20.000 COP tot 40.000 COP.
  • Een maaltijd bij een restaurant: 45.000 COP tot 70.000 COP.
  • Slapen in een hangmat bij Cabo San Juan: 40.000 COP tot 60.000 COP.
  • Slapen in een tent bij Cabo San Juan: 60.000 COP tot 80.000 COP.
  • Een motortaxi van/naar Costeño: 10.000 COP.

 

Welke ingangen zijn er en wat zijn daar de openingstijden?

Goed om te weten is dat er twee ingangen zijn om in het park te komen. De hoofdingang is bij El Zaino (open van 07.00 uur tot 15.00 uur) en bij Calabazo (open van 07.00 uur tot 13.00 uur) vind je de andere, kleinere ingang.

Indien je bij Calabazo naar binnen wilt, zeg dit dan tegen de buschauffeur. Je moet dan namelijk 10 minuten eerder uitstappen indien je vanuit Santa Marta komt.

 

Wanneer is het nationale park gesloten?

Zoals ik al zei is het nationale park ieder jaar voor ongeveer 1,5e maand gesloten. Dit is echter niet 1,5e maand achtereen, maar zo’n 45 dagen verdeeld over verschillende periodes. In 2026 zijn dit:

  • 1 februari tot en met 15 februari.
  • 1 juni tot en met 15 juni.
  • 19 oktober tot en met 2 november.

 

Hoeveel dagen raad ik je aan om te blijven?

Prachtige tropische bloemen

Veel mensen kiezen voor een dagtrip, precies wat ik ook gedaan heb.

Wil je Tayrona in stilte ervaren, dan raad ik je desondanks aan om tenminste 1 nacht te blijven. Sowieso betaal je al een behoorlijk bedrag om binnen te komen, en voor dat geld wil je zoveel mogelijk ervaren toch?

Als je blijft slapen maak je bijvoorbeeld de zonsopkomst vanuit je tent of hangmat mee en hoor je ’s ochtends de jungle ontwaken. Ook kan je in de vroege uurtjes naar stranden lopen die je dan volkomen voor jezelf hebt.

Een ander voordeel is dat veel dagjesmensen rond een uur of vier in de middag weer terugkeren naar Santa Marta en Palomino, waardoor het minder druk is en je daarom meer zult genieten van de natuur.

In de avond het verder leuk om met andere backpackers op de camping te chillen en een praatje te maken.

Maar heel eerlijk: ondanks het advies om te blijven slapen had ik zelf zoiets van: ik vind het wel mooi geweest en ben blij als ik weer terug ben in mijn houten hut in de jungle, even buiten het park. Die plek was voor mij als gezegd het échte hoogtepunt van mijn bezoek aan Tayrona.

 

Waar overnacht je bij een meerdaags bezoek?

Een kleurenspektakel tijdens de zonsondergang bij Cabo San Juan

Het stukje avontuur gaat ook in de nacht verder. Je zult namelijk in een hangmat inclusief klamboe of een tent slapen op een van de campings. Alleen ik zal eerlijk zijn: op een aantal campings heb je bungalows, mocht je toch wat meer comfort zoeken. Maar kamperen zal je hier echter de ultieme ervaring geven, dat zeg ik je wel alvast.

De gebieden om te kamperen vind je bij Cabo San Juan, Arrecifes, Playa Brava en Castilletes, waarbij Cabo San Juan en Arrecifes het populairst zijn.

Goed om te weten is dat je zelf geen hangmat of tent hoeft mee te nemen, die zijn volop aanwezig bij de campings.

Een slaapplek boek je op een van de campings of alvast bij de El Zaino-ingang.

Ook sprak ik een Nederlandse meid die zelfs 2 nachten is blijven slapen in het nationale park. Ze startte bij Calabazo en heeft op de eerste avond in een hangmat geslapen bij Playa Brava. De volgende dag is ze doorgelopen naar Cabo San Juan om daar in een tentje te tukken.

Er zijn verder amper hostels of hotels in het Tayrona National Park. Ecolodge Playa Brava Teyumakke dat je bij Playa Brava vindt is een relaxte accommodatie. Zij bieden bungalows met uitzicht op zee en tijdig boeken is aan te raden.

 

Welke accommodaties raad ik je aan vlakbij het nationale park?

Aanrader: La Casita Del Bosque

Handig -en tof!- is om voor je expeditie rond het nationale park in een eco-lodge te overnachten, niet ver van de ingang. Zo hoef je niet al te vroeg op te staan en kan je vol energie aan je trekking beginnen.

Senda Watapuy (El Zaino), Senda Koguiwa (El Zaino), het Yay Sustainable Resort (Guachaca) en Casa Bambu Tayrona (Los Naranjos) zijn allemaal hele fijne plekken met zeer hoge beoordelingen.

Zelf sliep ik 3 nachten bij La Casita Del Bosque, een prachtig plekje in de bergen omzoomd door jungle en met uitzicht op zee. Mocht je het nog niet gelezen hebben: dit was voor mij het hoogtepunt van mijn tijd rond het Tayrona National Park. Je zit op circa 3,5e kilometer van de El Zaino-ingang.

Lekker chillen op je balkon

 

Nog wat tips

  • Download de app Maps.me om te navigeren.
  • In Cabo San Juan heb je kluisjes om spullen veilig te bewaren. Wel zelf een slotje meenemen voor de zekerheid.
  • Als je met de auto komt, kan je parkeren in Cañaveral, je betaalt echter wel 21.000 COP extra om het park met de auto te betreden.
  • Sjouw niet je zware backpack mee tijdens het hiken maar laat deze bij je hostel of de El Zaino-ingang achter.

 

Wat is de beste reistijd voor het Tayrona National Park?

In de maanden mei, september, oktober en november valt normaal gesproken de meeste regen, al zal je je er ook dan prima vermaken hoor. Het zijn vooral hevige maar korte tropische buien in de middag.

Wat ik wel echt zou vermijden zijn de weekenden, de paas- en kerstvakantie en de feestdagen. Tayrona National Park wordt dan namelijk overspoeld door lokale toeristen.

Zelf was ik er op de maandag na de paasvakantie, en ook toen was het nog aardig druk.

 

Hoe kom je in het Tayrona National Park?

Het nationale park is eenvoudig te bereiken vanuit Santa Marta en Palomino.

In Santa Marta vertrekken shuttle-bussen die je in 45 minuten tot 1 uur afzetten bij de Zaino-ingang. Vanuit Palomino ben je ongeveer net zo lang onderweg met de bus.

Vertrek je in Taganga? Dan kun je de boot naar Cabo San Juan pakken, de overtocht duurt 20 minuten.

Ben je in Minca en wil je naar het Tayrona National Park? Dan reis je eerst naar Santa Marta (45 minuten) en daarna met een andere bus naar Tayrona (zo’n 1 uur reistijd).

Avatar foto
Over de auteur

Backpacker in hart en nieren. Altijd op zoek naar avontuur. Auteur van diverse succesvolle reisgidsen, waaronder 'Backpackgids Azië', 'Backpackgids Australië' en 'Backpackgids Zuid-Amerika'.

Laat een reactie achter

Over mij

Ik, Robbert, heb begin 2014 alles opgezegd om van reizen mijn leven te maken. Mijn doel is om andere backpackers te ondersteunen en te inspireren met de ervaringen die ik opdoe. Ga jij binnenkort ook op avontuur?

Lees hier mijn persoonlijke verhaal.

Coaching

Zit jij met vragen? Voel je je ergens onzeker over? Kan jij simpelweg wel wat persoonlijke hulp gebruiken met betrekking tot je reis?

Laat mij je dan 1-op-1 coachen, en ga die reis maken waar je van droomt.

Vertel me meer

Mijn reisgidsen

Al jarenlang schrijf ik avontuurlijke backpackgidsen om backpackers te inspireren en te helpen.

En sinds kort heb ik verschillende bundelaanbiedingen beschikbaar, waardoor je gebruik kunt maken van extreem hoge kortingen.

Vertel me meer

Koop je liever een losse gids? Klik dan op een van de banners hieronder:

Banner-Backpackgids-Azie

Banner-Backpackgids-Indonesië

Banner-Backpackgids-Bali

Banner-Backpackgids-Filipijnen

Banner-Backpackgids-Australie-nieuw