Op een middag tijdens het sporten op Koh Lanta in Thailand kwam ik een zachtaardige Colombiaan tegen. Hij vertelde gepassioneerd over zijn land, en had nog wel een aantal tips voor me in petto, mocht ik ooit die kant op gaan. Maanden later, nu ik dit schrijf, is het dus zover en zit ik daadwerkelijk in Colombia. Ik pakte een enkele vlucht naar Bogota en daar stond ik dan…
Het eerste wat ik van Bogota te zien kreeg was het vliegveld. En dan vooral een oeverloos lange rij bij de immigratie. Ik heb er zeker een uur in moeten staan voordat ik dan eindelijk door kon lopen. Na de tergend lange vlucht kon ik nauwelijks nog menselijke prikkels aan, het was dus een hele uitdaging. Overigens geen vragen gehad over een uitreisticket, wel zo fijn als je met een enkeltje het land binnenkomt.
Mijn tijd in de hoofdstad van Colombia verliep anders dan bij de meeste reizigers. Ik verbleef namelijk niet in een hostel of hotel, maar bij een local thuis. Ze heet Paula, ik heb haar leren kennen op het beruchte Thaise eiland Koh Phangan. Leuk wel, want zo heb ik een inkijkje gekregen in het lokale leven, in plaats van enkel de standaarddingen af te tikken.
Doordat mensen er amper een woord Engels spreken, werd ik min of meer gedwongen om me de basics van het Spaans eigen te maken. En ik moet je zeggen dat het op die manier vrij vlot gaat.
Wat ik vooral ontzettend vet vind aan Bogota zijn de uitbundige kleuren en de street-art die de straten zoveel sfeer geven. De wijk La Candelaria is daar een van de beste voorbeelden van. Maar ook de shows bij de stoplichten blijven me bij. Daar zag ik een meisje kunstjes doen aan een touw, een andere meid jongleerde met puntige kegels en een groep gasten zetten een speaker voor de auto’s en begonnen spontaan te breakdancen. Bogota leeft altijd en overal.
Een ding waar ik, behalve eindeloze verkeersopstopping, van schrok was de benzineprijs. 16.000 peso viel er telkens te lezen bij de pomp. Da’s bijna 4 euro! Nu bleek het niet de prijs per liter maar de prijs per gallon te zijn, zo liet ik me later vertellen. En in een gallon zitten bijna 4 liters, dus toen bleek het wel weer mee te vallen.
Ben jij van plan naar Colombia te gaan? Dan kom je waarschijnlijk ook langs Bogota. In deze gids deel ik alles wat ik zelf had willen weten: hoe het zit met de veiligheid, wat er te doen is, waar je goed kunt eten en slapen. Plus een hoop praktische dingen die je een heel eind op weg helpen.
Over Bogota

Bogota is Colombia’s enorme hoofdstad in de Andesvallei en telt om en nabij de 8 miljoen inwoners. De ligging op 2.640 meter boven zeeniveau is opmerkelijk te noemen, het fijne daaraan is dat het klimaat er voor Colombiaanse begrippen betrekkelijk zacht is. Al kan het er evengoed snikheet worden hoor, zo heb ik ervaren.
En het wennen aan de hoogte? Hmm… ik had eigenlijk nergens last van eerlijk gezegd. Alleen even bij het begin van de klim naar boven op de Monserrate. Toen was het ademen zwaarder dan normaal.

Leuke wijken zijn La Candelaria (a.k.a. Downtown) om geschiedenis te proeven en te genieten van street-art, Chapinero voor restaurants en een avondje stappen, Usaquén voor de weekendmarkt, Parque 93 om trendy te eten en San Felipe voor de creatievere types.

Studenten hebben aan keuze geen gebrek in Bogota, er zijn naar verluidt minimaal zeventig universiteiten. Sommige websites spreken zelfs van 90+! Nauwelijks voor te stellen toch? Al die studerende jongeren -honderdduizenden!- geven de stad een levendige sfeer.

Hoe zit het met de veiligheid in Bogota? Die is de voorbije jaren sterk vooruitgegaan. Ik heb me daarnaast geen moment onveilig gevoeld. Toch met je wel alert zijn en niet met je papaja te koop lopen, zoals ze dat er zo mooi zeggen. Daarmee bedoelt men: ga niet je waardevolle spullen showen indien niet nodig. Dus ook niet met je telefoon in de hand langs een drukke weg lopen. Bij Paula is zo haar iPhone onlangs nog uit haar hand gejat. En dat in haar ‘veilige’ woonwijk. In de wijken hierboven zit het qua veiligheid wel snor, maar afgeraden wordt om ’s avonds door de zijstraten van La Candelaria te gaan bivakkeren.

Nog even terugkomend op veiligheid: afgeraden wordt eveneens om bij een reguliere gele taxi in te stappen. Op het vliegveld is dit overigens geen probleem, maar daarbuiten doe je het beter niet. Kies steevast voor een online taxi, bijvoorbeeld van Uber. Toen ik bij Paula verbleef liet ze me nog een berichtje zien van een Colombiaanse vrouw die ontvoerd was nadat ze in een reguliere taxi stapte. Ben dus gewaarschuwd.
Activiteiten en bezienswaardigheden in en rond Bogota
Hieronder vertel ik je wat er allemaal te doen is in Bogota. Pak er zeker een paar van mee tijdens jouw bezoek aan de metropool.
Struin door het kleurrijke La Candelaria

De onmiskenbare wijk in Bogota voor toeristen is La Candelaria, het historische centrum van de stad. Honderden jaren geleden, en om precies te zijn in 1538, werd hier de basis van de stad gelegd.

Leuk is om simpelweg rond te dwalen door de kleurrijke straten. Het barst er van de Spaanse koloniale huisjes, hostels, straatkunst en gezellige eettentjes. De Kathedraal van Bogota en het aangelegen plein is een publiekstrekker. Ook de Calle de las Sombrillas wil je niet missen. Een van de bekendste en meest gefotografeerde steegjes is hier Calle del Embudo.

Mocht je nog een bekend museum willen bezoeken, dan is Museo Botero een aanrader.
Doe een fietstour en zie ook minder bekende buurten
Wat behalve ronddwalen door La Candelaria tof is om te doen is het boeken van deze fietstour. Je komt dan namelijk op plekjes uit waar je zonder gids nooit zou zijn gekomen. Denk aan de buurten La Merced, Teusaquillo en Los Martires. Maar ook boeiende stops als Ugly Betty’s House en de kleurrijke fruitmarkt zullen langskomen.
Het is bovendien een leuke manier om met andere backpackers in contact te komen.
Je gaat op pad met een Engelssprekende gids (of Spaans indien je dat wilt) en krijgt een goede mountainbike. Het vertrekpunt is in La Candelaria.
Klim naar de top van Monserrate

De bekendste piek van Bogota. Dat is Monserrate. 3.152 meter. Da’s haast net zo hoog als de Rinjani-vulkaan in Lombok, zo realiseerde ik me! Nu ligt Bogota natuurlijk al op een duizelingwekkende hoogte van 2.640 meter, dus valt het aantal meters dat je moet zien te overwinnen relatief mee.
Gaaf is om naar de top te hiken, langs een pad dat op een bepaald moment nooit meer lijkt te stoppen. Reken op een uurtje wandelen en behoorlijk wat zweten, want het is op sommige stukken verraderlijk steil en de hoogte is niet mals. Sla eventueel een voorraadje cocabladeren in om misselijkheid te bezweren.

Op de top van de berg staat het Monserrate Sanctuary en word je beloond met een panoramisch uitzicht over de stad en haar ontelbare huisjes.
Monserrate is trouwens naast La Candelaria te vinden, daarom kun je beide prima met elkaar combineren. Al heb ik het op losse dagen gedaan, omdat ik na de klim en daling weinig zin meer had in nog meer wandelen.
Is naar boven stappen je iets teveel van het goede? Neem dan de trein of kabelbaan. Dit kost 35.000 COP (Colombiaanse peso) voor een retour en 21.000 COP voor een enkeltje. Op zondagen is het goedkoper.
Bewonder een overvloed aan goud in El Museo del Oro
Vanaf het centrale plein Plaza de Bolívar in La Candelaria loop je in een minuut of tien naar Bogota’s beroemde goudmuseum: Museo del Oro.
Binnen vind je meer dan 30.000 gouden objecten. Een van de bekendste stukken is het Muisca-goudvlot. Dit vlot werd in 1969 gevonden in een grot en verwijst naar de Muisca-leider die offers bracht op een heilig meer. De Muisca waren een inheems volk dat leefde in het Andesgebergte rond Bogota.
Bezoek de bruisende Usaquén Flea Market

Ben je toevallig op de zaterdag of zondag in Bogota? Ga in dat geval zeker even naar de Usaquén Flea Market, een gezellige vlooienmarkt die in de gelijknamige wijk de hele dag gehouden wordt.
Je vindt hier tal van kraampjes met handgemaakte spulletjes, lokale kunst, souvenirs en allerhande decoratiestukken. Maar evengoed een hoop verse en gezonde dingen om te eten. Verder is er een overvloed aan restaurantjes en cafés, Crepes & Waffles is een echte aanrader. In het midden is nog een park om te chillen of lekker te picknicken.
Kom in een groene oase in El Parque Simón Bolívar

Heb je het gehad met de drukte, ga dan naar een van de (fraaie) stadsparken die Bogota rijk is. El Parque Simón Bolívar is het grootste park in de stad en strekt zich uit over een oppervlakte van liefst 400 hectare. De groene oase wordt ook wel Central Park van Bogota genoemd. Eyecatcher is het grote meer centraal in het park. Toen ik en Paula hier rondliepen was het er heerlijk rustig.
Voor kinderen zijn er talrijke speeltoestellen neergezet. Ook aan sporters is gedacht: calisthenics kun je er volop beoefenen.
Een alternatief is de botanische tuin José Celestino Mutis die er vlak naast ligt. Let wel op, want ’s maandags is deze gesloten.
Ga een avondje op stap in Chapinero
Chapinero is de buurt waar je moet zijn voor een avondje uit in Bogota. Hier vind je volop clubs en bars. Een gave tent met uitzicht over de stad is bijvoorbeeld Federal Rooftop, vette technofeestjes worden bij Octava gehouden en een club met een mix aan stijlen is Jaguar Club. Dit is slechts een fractie van wat er allemaal is aan uitgaansmogelijkheden in Chapinero.
Voor een lekker hapje eten ben je hier trouwens ook op het goede adres. In Zona G barst het van de uitstekende restaurants, koffiebars en bistro’s. Gewoon gezellig een biertje doen in een Britse pub? Check dan The Monkey House in datzelfde Zona G.
Neem een kijkje in de creatieve wijk San Felipe

San Felipe, nog niet zolang geleden was het een gevaarlijke wijk in Bogota. Vandaag de dag is het echter veranderd in een creatieve buurt met talloze kunstgaleries, leuke bars, eettentjes en een boel jonge mensen die voor een bruisend sfeertje zorgen. Het is vooral ’s avonds wanneer het hier tot leven komt.

Nu wil ik het ook niet overdrijven hoor; toen ik er was vond ik het best de moeite, maar buiten het gedeelte met de terrasjes en eetgelegenheden bij het La Araña Park, werd het al gauw onaantrekkelijk. Denk aan automonteurs, afzichtelijke gebouwen en een verkeersopstopping.
Volg een workshop chocola maken
Altijd al willen weten hoe zo’n verrukkelijke reep chocola in de schappen komt? Oftewel het hele proces van cacaoboon tot chocola?
Dan zit je in Bogota en überhaupt in Colombia goed. Colombia blinkt namelijk niet alleen uit op koffiegebied, maar evengoed in de productie van chocolade.
Cool is om een workshop te volgen waarbij je eigenhandig heerlijke chocola zult maken. Vanaf het roosten van de boon tot het uiteindelijke eetbare bruine goud. Een plek om dit te doen is bij CACAOTE in La Candelaria, je bent zo’n 2 uur bezig.
Tour door de achterbuurten van El Paraíso
In het zuiden van Bogota ligt de favela El Paraíso, een wijk die gehuld is in de meest uitbundige kleuren. Het vetste is om in de kabelbaan te gaan en de vrolijk gekleurde huisjes van bovenaf te bekijken.
Ga hier enkel naartoe met een gids, de buurt staat namelijk niet te boek als meest veilige van de stad. Na de rit in de gondel ga je de favela echt verkennen en zal je indrukwekkende street-art bewonderen. Je maakt bovendien kennis met lokale bewoners, die vertellen over de positieve transformatie die ze met El Paraíso willen maken.
Het is oprecht een van de boeiendere dingen om te doen in Bogota, en niet zo krankzinnig toeristisch als bijvoorbeeld Comuna 13 in Medellín.
Lijkt het je wat? Dit is een van de betere tours om te boeken naar El Paraíso.
Geniet van relatieve rust op de autovrije zondagen

Autovrije zondagen, bestaan ze nog? Jazeker! In Bogota is het wekelijks tussen 07.00 uur en 14.00 uur. Hoewel het niet helemaal autovrij is (enkel de grotere wegen worden afgesloten), is het een wereld van verschil vergeleken met de andere dagen. De files zijn dan om te janken. Om je een voorbeeldje te geven: om met een Uber naar het busstation te komen (12 kilometer) duurde ruim 1 uur.
Leuk om te zien is dat mensen de motorvrije wegen gebruiken om te fietsen, joggen en te skaten. Of natuurlijk gewoon om te wandelen.
Bezoek de wonderlijke Zoutkathedraal van Zipaquirá
50 kilometer ten noorden van Bogota ligt Zipaquirá, het stadje waar de beroemde Zoutkathedraal staat. Het bijzondere eraan is dat de kathedraal onder de grond te vinden is, en wel op 200 meter diepte. Het meesterwerk is uitgehouwen in een oude zoutmijn.
Lopend door de groen, blauw en paars verlichte tunnels glinstert het zout en word je lichtjes betoverd. Je gaat verder je langs de spirituele gangen waar mysterieuze sculpturen, zoutsnijwerk en andere boeiende details te bewonderen vallen. Niet te missen is de hoofdzaal: daar zie je het grootste ondergrondse zoutkruis ter wereld.
Eventueel kun je een tour boeken, zodat je wordt rondgeleid door het gangenstelsel en bijgepraat wordt over de verhalen die achter de kathedraal schuil gaan.
Voor adrenalinejunks: Cañón del Río Güejar en Río Cañón Guape
Deze twee tips gaf de jongen op Koh Lanta (uit de intro van dit artikel) me. Beide canyons liggen dichtbij elkaar, je kunt ze zodoende allebei bezoeken tijdens de dagtrip.
In Cañón del Río Güejar draait het voornamelijk om raften op de snelstromende rivier. Je passeert gigantische rotswanden en heel wat watervallen.
Cañón del Río Guape zou je iets gemoedelijker kunnen noemen. Hier drijf je op een tube de smaragdgroene rivier af langs jungle en fascinerende rotsformaties.
Wandelen kan trouwens ook in beide canyons. Watervallen en grotten liggen hier diep in de natuur verscholen en wachten erop ontdekt te worden.
Blijf een nachtje slapen in het witgekalkte Villa de Leyva
Het koloniale dorp Villa de Leyva is de voorbije jaren uitgegroeid tot een ware toeristenmagneet. Dan heb ik het enige echte nadeel meteen ook wel genoemd.
Je dwaalt hier door geplaveide straatjes met een weerszijden maagdelijk witte huisjes. Zo nu en dan zul je het idee hebben in een tijdmachine te zijn gestapt, het gemoedelijke dorpsleven is een verademing met het zo hectische Bogota.
Bekend is het Plaza Mayor, oftewel het centrale plein bezaaid met keien, witgekalkte huisjes, de kerk en erachter de oprijzende bergen. Gaaf is om vanuit het centrum naar boven te wandelen en jezelf te belonen met een fraai uitzicht.
Ik raad je aan de weekenden te vermijden, er komen dan ontzettend veel Colombianen naartoe.
Met de bus ben je circa 4 uur onderweg vanuit Bogota, een nachtje blijven slapen is daarom wel aan te raden. Tenzij je het geen probleem vindt om op en neer te gaan en 8 uur rijdend door te brengen. Ik zou het wel weten!
Dompel je onder in mythes bij de lagune van Guatavita
Evenals Villa de Leyva is ook Guatavita in het wit opgetrokken. Maar het zijn hier niet zozeer de huisjes waar je voor komt, Guatavita herbergt namelijk een heilig meer hoog in de Andes.
Behalve de schilderachtige setting gaan er talloze verhalen rond over deze plek. Zo ook de mythe van El Dorado (wat trouwens ‘Goudland’ betekent). De Muisca-indianen, waarover ik al eerder sprak, strooiden tijdens de kroning van hun nieuwe leider goudstof over hem heen. Vervolgens voer hij over het meer en gooide hij het goud en een boel edelstenen in het water als offer voor de goden, waarna hij er ten slotte zelf insprong.
De Spaanse overheersers waren zo hongerig naar rijkdom, dat ze zelfs hebben getracht het meer droog te leggen om de mogelijke schat te vinden. Hoewel minder dan gehoopt, werden er wel degelijk gouden objecten en edelstenen gevonden. Dit duidt erop dat de Muisca-rituelen echt hebben plaatsgevonden.
Nu herinner je je misschien de naam van het vliegveld van Bogota? Inderdaad, El Dorado International Airport. Verwijzend naar de legende.
Voor de afstand hoef je het niet te laten, want het startpunt van de wandeling is 1,5 uur rijden vanuit Bogota, waarna het nog 1,5 uur hiken is. Daarmee is het een leuke dagtrip om te doen, deze tour is een aanrader.
Waar kan je je tours en activiteiten boeken?
Een boel dingen in Bogota kun je prima op eigen houtje doen. Voor de leukere tours en activiteiten adviseer ik je om op Get Your Guide te kijken. Dit zijn daar de zes meest geboekte dingen om te doen:
Welke zaakjes in Bogota raad ik je aan qua eten en drinken?

De aanraders die ik hieronder noem liggen allemaal in of rond La Candelaria.
Een van de tips die ik van de jongen op Koh Lanta kreeg (zie de intro) was om buñuelos gevuld met arequipe of chocola te gaan eten. Het zijn een soort gefrituurde deegballetjes gevuld met caramel. Toen Paula en ik door La Candelaria slenterden zagen we plots een zaakje dat deze lekkernijen vers maakte: Buñueliando. Ga het daar zelf proeven als je naar iets zoets snakt, ik was blij verrast.
Later die middag liet Paula me een van haar favoriete zaakjes zien om arepas te proberen. Rond en platte broodjes, vaak op basis van maïsmeel. Soms knapperig, soms juist zachter. Een knus eettentje om de knapperige variant met bijvoorbeeld kip en avocado te proeven is Madre Mia.

Het al even genoemde Crepes & Waffles telt meerdere vestigingen in Bogota en is top voor wat betreft pannenkoeken, wafels, salades en pita’s.
La Puerta Falsa Restaurant is een icoon als het op local food aan komt. Naar het schijnt is dit Colombia’s oudste restaurant, en alleen vanwege de naam -‘de Valse Deur’- zou je er eigenlijk heen moeten gaan. Wel kun je op een lange rij rekenen. Een andere lokale tip die ik voor je heb is Quinua Y Amaranto. Je kunt hier voor een zacht prijsje het dagmenu bestellen.
Waar Colombianen trouwens dol op zijn, is chocolademelk met kaas. Yep, je leest het goed. Lokaal bekend als chocolate santafereño. Een chocoladebar om dit op z’n zachts gezegd opmerkelijke drankje te proeven is CACAOTE.
Een goede ontbijtspot is Orígenes Café. Avocado-toast, smoothie bowls, eieren, arepas, pannenkoeken; ze hebben genoeg opties om uit te kiezen.
Voor een lekker bakje koffie moet je bij Café del Mercado of Cafe Nos zijn.
Hoe zit het met transport in Bogota?

In La Candelaria is alles makkelijk te voet te doen. Ook kan je daarvandaan in circa 20 minuten naar de start van de trail van de Monserrate lopen.
Maar wil je bijvoorbeeld naar een verderop gelegen plek, dan is het boeken van een taxi via de apps Uber, Cabify of Didi handig om te doen. De prijzen verschillen nogal eens tussen deze apps, dus vergelijken is aan te raden. Omgerekend zal een rit binnen de stad ergens tussen de 2,50 euro en 10 euro liggen.
De andere mogelijkheid die je hebt is de bus, vaak van TransMilenio. Je dient hiervoor wel een Tullave-kaart nodig, te vergelijken met een ov-kaart in Nederland. Die koop je voor 7.000 COP. Daar zet je vervolgens tegoed op en dan kun je ermee reizen. Een enkele rit bedraagt 3.350 COP.
Momenteel wordt er aan een metronetwerk binnen de stad gebouwd, maar het is nog even afwachten wanneer die af is. Zodra dit het geval is, laat ik het je hier weten.
Waar in Bogota raad ik je aan om te overnachten?

De meeste hostels, guesthouses en hotels liggen in het historische centrum La Candelaria. Da’s dan ook het leukste gebied om je slaapplek te boeken.
Hieronder heb ik een lijstje gemaakt van de fijnere accommodaties in en rond La Candelaria, van hostels tot aan exclusievere hotels. Plus nog twee luxere hotels in Chapinero, voor de mensen die liever stijlvol in het eet- en uitgaansgedeelte van Bogota vertoeven.
Een van de beter beoordeelde hostels is het Banana Hostel. Voor een zacht prijsje heb je hier een plek in een stapelbed in een rustige kamer, inclusief een gordijntje voor de nodige privacy. The Cranky Croc Hostel is top als je van gezelligheid en gezamenlijke activiteiten houdt. Ten slotte is Hostel Mirador Aukán een uitstekende optie om voor te gaan.
Of wat dacht je van een leuke homestay met huiskat en gemeenschappelijke keuken? Dan is Casa Muntú jouw plek.
Liever een eigen studio? Apartaestudios La Candelaria biedt goedkope en goede studio’s met een keukentje. Ze hebben ook goedkopere kamers zonder keukentje, maar wel met een fraai uitzicht op de tuin. Casa Rosada is een andere aanrader. Het is er rustig en je hebt er een dik uitzicht over Bogota.
Hoeveel dagen raad ik je aan om in Bogota te blijven?

Zelf ben ik 8 dagen gebleven in Bogota. Niet persé omdat ik nou zo heel veel wilde zien en doen hoor, maar ik vond het gewoon chill om even rustig de tijd te nemen en mijn jetlag te laten wegebben.
Als ik je een advies moet geven hoelang te blijven in Bogota, zou ik zeggen sowieso 3 volle dagen. Je hebt dan een dag om La Candelaria te verkennen, een ochtend om de Monserrate te hiken en ’s middags bijvoorbeeld El Paraíso aan te doen en een dag een eventuele trip te maken naar een plek buiten Bogota.
Ga je het uitgaansleven induiken, plan dan misschien een extra dagje rust in vanwege de kater die je (waarschijnlijk) zal vellen.
Wat is de beste reistijd voor Bogota?

Dan ga ik je nu bijpraten over de beste periode om naar Bogota te gaan. Er wordt onderscheid gemaakt tussen het droge en het natte seizoen.
Het natst zijn over het algemeen april en mei plus oktober en november. In de overige maanden van het jaar zit je qua weer meestal wel goed. December tot en met februari en juli en augustus komen doorgaans als zonnigst uit de bus. Al kun je altijd wel een (korte) bui verwachten: jaarlijks zijn er liefst 223 dagen met neerslag in Bogota.
Zelf was ik er halverwege februari voor 8 dagen. Ik heb heerlijk weer gehad met hier en daar een tropische bui.
Verder zit je, als gezegd, op 2.640 meter hoogte. Toen ik er was waren de temperaturen aardig mild, soms was het zelfs een tikje frisjes. Toch heb ik steevast in korte broek en korte mouwen gelopen. Maar… neem zeker ook lange mouwen mee voor de koele avonden en ochtenden. En heb je moeite met de hoogte? Koop dan een zakje cocabladeren of de poedervariant mambe. Sowieso een aanraders als je je wat slapjes voelt en een beetje opgeladen wilt worden. 🙂
Hoe kom je in Bogota?

De meeste mensen starten hun reis door Colombia in Bogota, en vliegen op El Dorado International Airport (BOG). Eenmaal daar reis je gemakkelijk met een Uber verder naar je accommodatie, reken op 25.000 COP tot 35.000 COP voor een rit van maximaal 45 minuten. De bus kan ook en is goedkoper, al moet je dan wel een keer overstappen en een buskaart -Tullave- hebben.
Kom je met de bus, dan kom je aan op Terminal Salitre, op pak ‘m beet 30 minuten rijden van La Candelaria. Er zijn directe verbindingen met bijvoorbeeld Armenia (7,5 uur reistijd), Pereira (8,5 uur reistijd), Neiva (4,5 uur reistijd) en Medellín (10 uur reistijd).













