Lion Rock in Sigiriya is een van die typische must-do’s als je naar Sri Lanka gaat. Echter, ik deed wat research en kwam al snel achter de volgende dingen:

  • De kans dat je in een lange rij komt te staan is groot.
  • De entreeprijs is 5.000 LKR, bijna 25 euro. Locals betalen 50 LKR, nog geen 25 eurocent.
  • Vlakbij ligt een rustiger, avontuurlijker en goedkoper alternatief om te beklimmen, namelijk Pidurangala Rock. Volgens velen zelfs meer de moeite waard dan de Leeuwenrots.
  • Vanaf Pidurangala Rock heb je een uitzicht op de Lion Rock.

Kijk, ik vind het niet erg om meer te betalen dan locals. Helemaal niet zelfs. Alleen 100 keer zoveel? Ergens is een grens. Bovendien blijft men deze prijs ieder jaar maar verhogen.

Toen ik daarbij hoorde dat er een minder toeristisch alternatief is waar je een veel schappelijker bedrag voor betaalt, was voor mij de keuze snel gemaakt. Ik ging Pidurangala Rock beklimmen en liet de Lion Rock links liggen.

In dit verhaal vertel ik je er meer over. De weg erheen alleen zou een nogal spannend avontuur worden, omdat er zo nu en dan olifanten op konden duiken, zo werd me verteld. Nu klinkt zoiets misschien ongeloofwaardig, maar hè, we hebben het wel over Sri Lanka natuurlijk. En aangezien ik op de fiets was, zou dit een niet al te welkome verrassing zijn…

 

Een spannende fietstocht naar Pidurangala Rock

Na een bezoek aan Dambulla, reisde ik met de bus naar Sigiriya. Ongeveer 45 minuten later werd ik afgezet op wat het busstation zou moeten zijn. Hier hoef je niet veel van te verwachten, het is eigenlijk niets meer dan een zandweg met wat shops en enkele guesthouses in de buurt. Van een echt dorp is geen sprake.

Ik ben vervolgens naar de Sigiriya Sky Homestay gelopen en in m’n dagboek staat daarover het volgende geschreven: “Beste kamer tijdens mijn reis door Sri Lanka.” Het fijne is dat de accommodatie nieuw is en vooral schoon en comfortabel. Verder goede wifi, erg lekkere zelfgemaakte curry, een chill balkonnetje en een hele aardige eigenaresse. Zo gaf ze me een fiets mee om naar Pidurangala Rock te gaan.

De fiets bleek vrij klein, maar dit weerhield me er niet van om te gaan. De afstand bleek bovendien slechts 4 kilometer. Het enige wat me redelijk zorgen baarde, was de mogelijke dreiging van olifanten op de weg. Niet voor niets pakken de meeste toeristen daarom de auto of scooter.

Een lokale chocolaverkoper stelde me gelukkig gerust en zei dat het allemaal wel goed zou komen. Op de meeste gedeeltes was ik helemaal alleen, met zowel links als rechts bossen en voor me een uitgestrekt zanderig pad. Een typische setting waar olifanten kunnen opduiken, zo maakte ik mezelf wijs. Ik hield daarom soms m’n hart vast en vroeg mezelf af wat te doen, indien ik daadwerkelijk in de situatie zou komen. Echter, ondanks het niet al te comfortabele fietstochtje, ben ik heelhuids aangekomen.

 

De weg omhoog

Na het parkeren is het niet erg duidelijk waar je precies heen moet. Dit vond ik tenminste. Een taxichauffeur hielp me en wees naar de Pidurangala Royal Cave Temple, daar kun je een ticket kopen. Dit toegangsbewijs kost je 500 LKR, zo’n 2,50 euro. Een schijntje dus vergeleken met de Lion Rock.

De weg naar de top is trouwens redelijk eenvoudig. Hier en daar een looppasje en je bent in 30 minuten boven. Je zult er in ieder geval niet langer dan 45 minuten over doen. Je gaat natuurlijk wel omhoog, dus zweten zal je zeer zeker. Maar is dit hoort erbij toch?

Je loopt door een indrukwekkende omgeving bestaande uit opmerkelijke rotsblokken, half in elkaar gestorte trappen en verwilderde bomen. Bomen waarvan de wortels en takken soms bizarre vormen hebben aangenomen.

Pidurangala-Rock-beklimmen-2

Onderweg kom je bij een liggende Boeddha, die gedeeltelijk uit bakstenen bestaat.

Liggende-Boeddha-Pidurangala

Credits: Teseum, Flickr

Behalve de Boeddha, heb je er een prachtig uitzicht over de groene vallei van Sigiriya. Tot dit punt zijn het overigens trappen die je naar boven leiden, maar die blijken daarna verdwenen.

Het laatste stukje zal je daarom een beetje moeten klimmen om vervolgens op de top van de rots terecht te komen. Aangezien er flink wat Singalezen voor me de hoogte ingingen, kon ik goed bekijken hoe ik dit precies moest aanpakken. Gelukkig viel het best mee.

Pidurangala-Rock-beklimmen

Doorweekt en wel was ik boven. Tijd voor een break.

 

Panoramische uitzichten

Op de top van de Pidurangala-rots -waarop verrassend genoeg bomen groeien- bleek het behoorlijk druk te zijn. Drukker dan ik op basis van de reviews had verwacht. Echter, de zonsondergang zat eraan te komen, wat voor Pidurangala-beklimmers het populairste moment van de dag is. Desondanks waren er nog zat rustige plekjes te vinden.

Als je een moment later op het harde steen gaat zitten, zijn de uitzichten echt schitterend. Om je heen zie je grote rotsblokken en een groene oase. Langzaam verandert te kleur van de lucht in een rozige massa. Gebouwen zie je nergens, het is natuur in de meest pure vorm.

Pidurangala-Rock-uitzicht-Lion-Rock

Vlak voor je, ogenschijnlijk tenminste, staat een opmerkelijke rots die je net zo goed als berg zou kunnen omschrijven. Het is de Leeuwenrots waarover ik al eerder sprak.

Pidurangala-Rock-uitzicht-Lion-Rock 2

Credits: David, Flickr

Toen ik er goed naar keek, zag ik een lange rij van mensen staan op een trap, wachtend om naar boven te kunnen komen. Op hetzelfde moment realiseerde ik me dat ik een goede keuze gemaakt had.

 

Aangevallen door?

Aangezien het donker begon te worden, besloot ik om terug naar beneden te lopen. Met een voldaan gevoel reed ik richting de homestay. Geheel zonder problemen ging dit alleen niet.

Insecten waarvan ik de naam niet weet, knalden namelijk tegen m’n gezicht aan. Muggen, kevers? Het leken soms bijna steentjes. Zoals je begrijpt, kon ik m’n ogen daarom nauwelijks openhouden. Een keer deed ik dit, en toen was ik meteen de spreekwoordelijke pisang. Het dichtknijpen van mijn ogen had in ieder geval als voordeel dat ik geen olifanten kon zien, mochten die er geweest zijn 😉 .

Met weer een avontuur rijker plofte ik daarna neer op m’n heerlijke bed. De dag erop vervolgde ik de reis naar Polonnaruwa.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

*