Misschien heb je ze al wel eens gezien, die documentaires over de Filipijnen met daarin de vaak felgekleurde giga-jeeps, soms zelfs uitziend als bussen. Ik heb het over de Jeepney.

Toen ik voor het eerst ging backpacken in de Filipijnen, had ik nog nooit gehoord van het woord ‘Jeepney’. Echter, op het moment dat ik aankwam in het stadje Angeles City (Clark), zag ik ze meteen in overvloed rijden. Rijden inderdaad, want het is een voertuig, een soort verlengde jeep. Tot de nok toe gevuld met locals.

Ik had geen idee wat een Jeepney eigenlijk was, tot ik meerdere van deze wagens op het busstation zag staan en het tot me begon door te dringen dat het wel eens een lokaal transportmiddel zou kunnen zijn.

Over dit indrukwekkende en veelal grappig gekleurde ‘ding’ uit de Filipijnen ga ik je meer vertellen. Zo weet jij waar je aan toe bent, mocht je ooit richting het land met meer dan 7.100 eilandjes willen gaan.

 

De Jeepney: een korte introductie

De eerste Jeepneys reden in de jaren 50 op de weg en waren statussymbolen voor de locals. Dat zijn ze nu nog steeds trouwens. Het waren omgebouwde militaire voertuigen die door Amerikaanse soldaten achter waren gelaten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkele creatieve en ondernemende Filippino’s voegden er diverse toeters en bellen aan toe om ze gereed te maken voor massatransport. Zo werd een nieuw publiek transportmiddel geboren.

De Jeepney heeft vandaag de dag invloeden van verschillende landen, waarbij de multiculturele geschiedenis van de Filipijnen zichtbaar wordt. Ed Sarao, één van de eerste ontwikkelaars van deze in het oog springende voertuigen, zei niet voor niets (BBC News, 2013):

 

“There is bit of Spanish, Mexican traits there; how they incorporate vivid colours, fiesta-like feelings. There is a little of the Americans because it evolved from the Jeep. There is a little Japan because of the Japanese engine.”

 

De Jeepney is het meest populaire vervoersmiddel dat je in de Filipijnen ziet, zowel binnen als buiten de stad. Geen bus, trein of taxi dus, maar de Jeepney. Dat is onder meer zo vanwege de extreem lage prijzen, het hop-on-hop-off-systeem en de sociale functie die dit transportmiddel heeft.

Je ziet ze trouwens rijden in verschillende groottes en in allerlei kleuren, met schilderingen van helden uit het Westen, Formule 1-logo’s, Disney-figuren en felgekleurde bloemen. Soms lijken het net een soort afgekeurde hippiewagens of foute Hollywood-voertuigen. Het leuke is, dat ze er allemaal anders uitzien. Je ziet de passie van de eigenaar er letterlijk in terugkomen. Deze eigen ‘identiteit’ maakt ieder Jeepney uniek in z’n soort.

Vroeger waren ze overigens minder uitgesproken, je ziet vandaag de dag duidelijk de invloeden vanuit het Westen terugkomen, zoals de eerder genoemde filmsterren of Disney-figuren.

In de ene Jeepney kunnen 14 personen terwijl er in sommige wel meer dan 20 kunnen, al zie je deze niet zoveel. De Jeepneys waar ik in heb gezeten, daar zaten meestal acht tot 14 personen in.

Inmiddels zijn er ook zogenaamde ‘e-Jeepneys’, de milieuvriendelijkere variant van het reguliere model. Ze zijn in het leven geroepen omdat er in de Filipijnen jaarlijks naar schatting 5.000 mensen overlijden aan de gevolgen van luchtvervuiling. De eerste e-Jeepney reed in juli 2008 door het land.

 

Waar vind je ze?

Je ziet ze zowel in als buiten de stad. Alleen al in en rondom Manilla rijden er meer dan 50.000. Je zult er dus altijd wel eentje spotten. De ontwikkelaars van de e-Jeepney hopen dat op niet al te lange termijn 10.000 van deze Jeepneys worden vervangen door de eerder genoemde elektrische variant.

Buiten de grote toeristische gebieden, Manilla en Cebu, zijn de Jeepneys die je ziet rijden vaak een stuk ouderwetser. Tegelijkertijd daarom ook minder comfortabel en milieuvervuilender.

Op de eilanden Palawan en Bohol heb ik ze trouwens zien rijden met mensen op het dak 🙂 .

Tip: als je niet bij een station bent, maar langs de weg gebruik wilt maken van een Jeepney, zoek dan naar kleine groepjes mensen. Dit zijn vaak personen die wachten op aankomende Jeepneys.

Wat kost een ritje?

Als je een budgetbackpacker bent, zit je bij de Jeepneys helemaal goed. Ze worden niet voor niets door veel locals gebruikt, ook voor kleine afstanden van vier tot zes kilometer. De kosten zijn vaak niet meer dan zeven of acht Pesos, wat neerkomt op €0,15. Soms is het wat meer, soms minder, afhankelijk van het traject waarop je rijdt.

Tip: aan te raden is om genoeg klein geld bij je te hebben. Even voor jouw duidelijkheid: een briefje van 1000 Pesos (ongeveer €20) staat gelijk aan een lokaal salaris voor meerdere dagen. Zorg daarom altijd dat je voldoende muntjes bij je hebt, anders heb je grote kans dat de chauffeur niet kan wisselen.

Overigens is het zo, dat je pas bij uitstappen betaalt. Ben je op je bestemming, roep dan “stop” of “para”, wat hetzelfde betekent. Je kunt ook aan het touwtje trekken dat aan het plafond vastzit, hiermee krijgt de bestuurder een seintje. Vervolgens overhandig je in de Jeepney het geld aan de chauffeur en roep je “Bayad Pro”, wat betekent dat je aangeeft te willen betalen. Ook kun je natuurlijk in het Engels “payment” zeggen.

Het is gebruikelijk dat degene die dichtbij de bestuurder zit, het geld aan hem (of haar) overhandigt. Dus, als je zelf te ver weg zit, geef dit bedrag dan door aan de persoon die het aan de chauffeur kan geven. Ga in ieder geval niet door de Jeepney lopen, dit is niet gebruikelijk. Hetzelfde is van toepassing op wisselgeld, dat wordt doorgegeven door de dichtst-bijzittenden tot het in jouw handen terechtkomt.

Tip: stel dat je voor meerdere personen betaalt, geef dit dan direct aan na je betaling. In het geval van twee personen, zeg je “Dalawa”. Betaal je voor drie mensen, dan volstaat het roepen van “Tatlo”. In de meeste gevallen kun je jezelf ook redden in het Engels.

Mijn persoonlijke ervaring met de Jeepney

Toen ik een aantal jaar geleden in Azië ging backpacken, kwam ik voor een tussenstop in het stadje Angeles City. Geen aanrader overigens, gezien de grote hoeveelheid oudere Amerikaanse mannen met jonge meisjes. Daar aangekomen, maakte ik voor het eerst kennis met een Jeepney. Ik wist eerlijk gezegd niet wat ik zag, het leken wel een soort Amerikaanse kermisattracties. Nadat ik navraag had gedaan in het hotel waar ik verbleef, bleken deze kermisattracties het meest populaire lokale transportmiddel in de Filipijnen te zijn. Dat wist ik dan ook weer 🙂 .

Omdat mijn plan was om vanuit de nabijgelegen luchthaven van Clark naar Puerto Princesa te vliegen om vervolgens naar El Nido te kunnen gaan, besloot ik om vanaf het busstation een Jeepney te nemen naar de plaatselijke luchthaven. Het viel me meteen op dat er alleen Jeepneys stonden en er verder geen bus te bekennen was. Meteen een bevestiging dat de grote jeeps inderdaad populair zijn.

Het was behoorlijk onduidelijk welke routes de verschillende Jeepneys reden, dit werd nergens aangegeven. Voorop stond een bestemming, meer niet. Vandaar dat ik ben gaan rondvragen welke naar de airport reed, zodat ik in het juiste voertuig zou komen te zitten. Dat lukte trouwens vrij vlot.

Het vreemde was in mijn geval dat de chauffeur aan mij vroeg om voor instappen te betalen. Niet gebruikelijk, want locals betalen pas wanneer ze uitstappen. Daarbij was het ook nog eens een veelvoud van wat eigenlijk zou moeten, bleek achteraf.

Gelukkig hield ik m’n poot stijf, omdat ik locals zag instappen zonder te betalen. Vervolgens zei de chauffeur dat ik in kon stappen. Uiteindelijk betaalde ik achteraf, hetzelfde bedrag dat de Filippino’s kwijt waren.

De rit zelf was een ervaring op zich. Midden tussen de locals, zat ik wat krap met mijn backpack voor me. In totaal waren we met een man of 10. Mensen waren erg vriendelijk, keken wat naar me en benaderden me voor een gesprekje. Daarin gaf ik aan dat ik bij de luchthaven moest zijn en op weg was naar het prachtige plaatsje El Nido.

Toen het zover was, zeiden ze tegen me dat ik uit kon stappen. Ik bedankte ze voor de leuke ervaring, en liep richting de ingang om mijn avontuur te vervolgen.

De voor- en nadelen van een Jeepney

Behalve dat ze er leuk uitzien en je ze nauwelijks kunt missen, kleven er zowel voor- als nadelen aan het rijden met een Jeepney. Voor mij persoonlijk zijn dit de onderstaande puntjes:

 

Enkele voordelen

Het is goedkoop, een ritje kost je doorgaans slechts €0,10 tot €0,40.

Reizen met een Jeepney betekent in contact komen met locals. Filippino’s spreken vaak goed Engels, dus de basis voor een gesprek is er bijna altijd.

Je vindt ze bijna overal, niet alleen bij busstations.

In tegenstelling tot bussen, kun je in- en uitstappen waar je wilt. Het open design (een Jeepney heeft geen achterdeuren) maakt dit erg gemakkelijk. Wel van te voor aangeven bij de chauffeur waar je naartoe moet.

Het is gebruikelijk dat passagiers elkaar helpen. Mocht je geen idee hebben waar je uit moet stappen, dan zal er altijd iemand zijn om je te ondersteunen.

 

Enkele nadelen

Het gros van de Jeepneys zit overvol, het kan daarom soms een beetje claustrofobisch aanvoelen.

Doordat chauffeurs overal stoppen, kan het soms wat lang duren voor je op je bestemming bent. Ook kan filevorming ontstaan.

Je hebt geen gordels en de achterkant is open, een Jeepney kan daarom wat onveilig aanvoelen.

Het is vaak onduidelijk waar ze naartoe rijden. De globale route staat soms op een kaartje op de voorruit geschreven maar niet altijd. Doe daarom altijd navraag bij de chauffeur.

Soms worden toeristische bedragen gerekend, check daarom altijd wat locals betalen. Betaal nooit van te voor, altijd enige tijd voordat je uitstapt.

Tip: het is het slimst om vlakbij de uitgang te gaan zitten. Zit je vlakbij de chauffeur, dan ben jij het doorgeefluik dat de betalingen doorgeeft en het wisselgeld van de chauffeur aanneemt. Daarbij kan het wat lastig zijn om uit te stappen, als je jezelf met een zware backpack langs alle mensen moet doorwurmen. Dit heb ik zelf ervaren.

Gezien de grote milieuvervuiling en verkeersopstopping die Jeepneys in de Filipijnen veroorzaken, ben ik trouwens wel benieuwd hoe lang ze nog rondrijden voordat ze plaatsmaken voor de nieuwere variant: de e-Jeepney.

Daarmee bestaan de verkeersproblemen, zoals filevorming, natuurlijk nog steeds. Wellicht dat de regels voor in- en uitstappen zullen worden aangescherpt, zodat de Jeepneys het overige verkeer niet aan de lopende band ophouden, zoals vandaag de dag het geval is.

Voorlopig kun je in ieder geval nog gebruikmaken van dit iconische vervoersmiddel!

Ga jij backpacken in Azië?

Backpackgids-Azie-bannerDan ga ik je graag helpen 🙂 . Samen met een team van Azië-kenners heb ik Backpackgids Azië ontwikkeld. De missie is duidelijk: zorgen dat jouw reis een groot succes wordt.

Onder meer de volgende issues komen aan bod:

Hoe stippel ik een route uit? Welke route(s) kan ik volgen? We geven je er meer dan 70.
Hoe kan ik kosten besparen en toch maximaal genieten?
Hoe blijf ik veilig en gezond tijdens mijn reis?
Waar moet ik als backpacker zijn?
Welke cruciale dingen mag ik niet vergeten voor ik vertrek?
Welke accommodatie past bij mij?

Wil jij meer weten over het grootste Nederlandstalige backpackpakket voor Azië-reizigers?

Arrow

Naar de aanbieding!

 

Heb jij al eens in een Jeepney gezeten?

Over de auteur

mm

Backpacker in hart en nieren. Altijd op zoek naar avontuur. Auteur van de succesvolle boekenreeksen 'Backpackgids Azië', 'Backpackgids Australië' en 'Backpackgids Zuid-Amerika'.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

*