Na een paar weken op Maleisisch Borneo te zijn verbleven, besloot ik om mijn reis te vervolgen richting de Filipijnen. Het leek me fantastisch om naar het plaatsje El Nido te gaan, op het eiland Palawan.

Helaas bleken er geen directe vluchten te zijn vanuit Kota Kinabalu naar Puerto Princesa, de plek die backpackers gebruiken als uitvalsbasis om naar El Nido te komen. Mijn reis liep daarom via Clark en het bijbehorende stadje Angeles City.

Dit advies kreeg ik namelijk van David uit m’n guesthouse (Borneo Global Backpackers). Deze Engelsman van 44 vertelde me dat ik vanuit Kota Kinabalu goedkoop naar de luchthaven van Clark kon vliegen. Via Clark kan je vervolgens verdergaan naar Puerto Princesa.

En inderdaad, toen ik op Skyscanner keek wat een ticket naar Clark kostte, bleek dat ik voor minder dan €30 die kant op kon gaan.

Mooi dacht ik!

Hij vertelde me echter dat Angeles City, de stad waar de meeste toeristen vanuit Clark Air Base heengaan, alles behalve een plek voor backpackers is. Veel oudere (Amerikaanse) mannen die met jonge meisjes rondlopen. Eigenlijk een beetje het Pattaya van de Filipijnen, zo zei hij.

Daar bleek geen woord van gelogen…

 

Van Kota Kinabalu naar Clark (Angeles City)

Toch besloot ik om een ticket naar het plaatsje te boeken. Wat maakte het uit; ik gebruikte Clark toch alleen maar als doorreis-punt om in El Nido te kunnen komen.

Wél boekte ik meteen even een vliegticket om van Clark naar Puerto Princesa te kunnen komen, dan wist ik in ieder geval zeker dat ik daar niet langer dan één nachtje hoefde te blijven.

Toen was het zo ver. Ik nam afscheid van mijn reisgenootjes die ik op Borneo had leren kennen en pakte de bus richting de plaatselijke luchthaven. Daar ging ik dan, naar Clark.

Gelukkig had ik van David een tip gehad voor een betaalbare accommodatie, aangezien het in Angeles relatief duur bleek te zijn. Eenmaal op de Clark Air Base, die als voormalige Basis voor de Amerikaanse militairen heeft gediend, vroeg ik dan ook aan de chauffeur om me af te zetten bij het desbetreffende hotel (Vistillana) in het nabijgelegen Angeles City. Samen met een Spanjaard die ook een taxi nodig had, stapte ik in.

 

Eenmaal in Angeles City

Aangekomen in de stromende regen, werd het vreemde beeld dat ik inmiddels over Angeles City had, direct bevestigd. Bij de entree hing namelijk het volgende bordje:

Angeles City Filipijnen

Welkom in Angeles City!

Nogal apart vond ik. Ik checkte in en besloot even het stadje in te lopen om wat te gaan eten. En ja hoor, het gros van de mensen dat ik zag, bleek inderdaad geen reiziger te zijn.

Wat ik hier vooral heb zien lopen, waren oudere, grijze Amerikaanse mannen met (heel erg) jonge Filipijnse meisjes in de kortste rokjes. En als ze niet liepen, dan zaten ze wel bij een van de barretjes in de Walking Street te zuipen. Vaak al in het begin van de middag. Het zal je niet verbazen dat veel van deze bars go-go-bars zijn. Dit wordt open en bloot aangegeven. Heel normaal toch?

Het leek letterlijk of ik in een andere wereld was beland. Van de jungle op Borneo naar sekstoerisme in de Filipijnen. Kon het tegenstrijdiger?

Natuurlijk was ik hiervoor gewaarschuwd, maar om het dan zo met je eigen ogen te zien, is nog net even wat anders. Zo schaamteloos als deze ‘toeristen’ hand-in-hand rondliepen met veel jongere meisjes. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is.

Angeles-City-Walking-Street

De Walking Street van Angeles City

Ook buiten de ‘cafeetjes’ zie je deze mannen in overvloed. Zelfs in de lokale McDonald’s heb ik mannetjes van diep in de 60 een hamburger zien eten met meisjes die voor m’n gevoel wel behoorlijk jong waren. Ik zeg niet meteen minderjarig, maar vreemd vond ik het wel, een stadje dat gedomineerd wordt door prostitutie.

Wat ik me nog meer herinner aan Angeles City? De hotels waar continu oudere mannen met prostituees in- en uitliepen, hand-in-hand. Tja, en nog maar te zwijgen over wat er uiteindelijk in de hotelkamers met deze meisjes gebeurt.

Conclusie: mijn kennismaking met de Filipijnen was niet zo’n beste. Ik dacht letterlijk:

 

Wat doe ik in godsnaam hier?

 

Maar goed, ik had gelukkig betere tijden in het vooruitzicht.

De Champions League finale werd die avond om 02.45 uitgezonden, maar ik was behoorlijk vermoeid door het vliegen en vooral door wat ik allemaal had gezien. En leeftijdsgenoten om een drankje mee te gaan drinken, waren er ook niet. Ik ben dan ook rond 01.00 uur gaan slapen. De dag erna ging m’n vliegtuig 16.45 naar Puerto Princesa op Palawan (gelukkig).

 

De volgende dag

Nadat ik wat had ontbeten bij het hotel, besloot ik om de tijd te doden en naar de reusachtige shopping-mall net buiten het centrum te lopen. Ik liep via de Walking Street en het was alweer raak: pensionado’s zonder t-shirt, biertjes in hun hand en jonge meisjes die ze van ‘gezelschap’ voorzagen. En dat om 11.00 uur in de ochtend. Niet dat het me nog verbaasde, maar toch. Boos maakte het me in ieder geval wel.

Ja oké, deze meisjes/vrouwen krijgen geld in ruil voor wat ze doen. We moeten ons alleen wel realiseren dat als je in erge armoede leeft, er soms misschien geen andere keuze is.

Aangekomen bij het winkelcentrum, ging ik naar binnen en liep ik naar een grote supermarkt om wat kleine inkopen te doen voor het vervolg van m’n reis.

Bij de ingang stonden trouwens militairen met een machinegeweer(!) de boel te bewaken. Gezellig hè?! Dit is trouwens niet alleen zo in Angeles, ik heb het bijvoorbeeld ook bij een grote supermarkt in Puerto Princesa gezien. Maar goed, een echt fijn gevoel geeft dit natuurlijk niet.

Prostituees, oudere mannen, militaire bewaking: het is nou niet bepaald wat je verwacht als je gaat backpacken. Inmiddels had ik dus ook weer wat bijgeleerd.

 

Eindelijk weg!

Na één nacht en een halve dag in Angeles City was ik blij dat ik bij de terminal in een Jeepney kon springen in de richting van Clark-airport. Want een ding was zeker: ik moest hier zo snel mogelijk wegkomen. Na nog wat gekibbel te hebben gehad over de prijs, de chauffeur vroeg uiteraard veel te veel, vervolgde ik eindelijk m’n reis naar een duizend keer mooiere plek: El Nido. Hier heb ik echt supergave avonturen beleefd ondanks dat ik er ook behoorlijk ziek werd.

Even voor jouw informatie: op dit moment is het niet meer mogelijk om vanuit Kota Kinabalu direct naar Clark te vliegen. Om naar Puerto Princesa te komen, zal je via Manilla moeten reizen. Dit duurt helaas wat langer, maar zo hoef jij in ieder geval niet naar deze door sekstoerisme verwoeste plek.

Wel kun je via Maleisië (Kuala Lumpur) met een directe vlucht naar Clark. Het is alleen niet meer mogelijk om vanuit Clark zonder tussenstop naar Puerto Princesa te vliegen. Nog een reden dus om NIET naar deze plek te gaan. Als je vanuit Kuala Lumpur naar Puerto Princesa reist, maak je een doorgaans een tussenstop in Manilla.

Of je naar Clark vliegt en naar Angeles City gaat, is uiteindelijk aan jou. Een aanrader is het wat mij betreft absoluut niet!

Ga jij backpacken in Azië?

Backpackgids-Azie-bannerDan ga ik je graag helpen 🙂 . Samen met een team van Azië-kenners heb ik Backpackgids Azië ontwikkeld. De missie is duidelijk: zorgen dat jouw reis een groot succes wordt.

Onder meer de volgende issues komen aan bod:

Hoe stippel ik een route uit? Welke route(s) kan ik volgen? We geven je er meer dan 70.
Hoe kan ik kosten besparen en toch maximaal genieten?
Hoe blijf ik veilig en gezond tijdens mijn reis?
Waar moet ik als backpacker zijn?
Welke cruciale dingen mag ik niet vergeten voor ik vertrek?
Welke accommodatie past bij mij?

Wil jij meer weten over het grootste Nederlandstalige backpackpakket voor Azië-reizigers?

Arrow

Naar de aanbieding!

 

Ben jij al wel eens in deze stad geweest?

Over de auteur

mm

Backpacker in hart en nieren. Altijd op zoek naar avontuur. Auteur van de succesvolle boekenreeksen 'Backpackgids Azië' en 'Backpackgids Australië'.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

*