Net als gisteren word ik met een zwaar gevoel wakker in mijn bungalow op het Holiday Resort. Ik ben wat ziek geworden. Keelpijn, hoesten en hoofdpijn. Je kent het wel. Maar aangezien we -ik, mijn moeder en haar vriend- vandaag verdergaan naar Krabi, besluit ik toch om op tijd op te staan en het eiland te gaan verkennen. Dit is er namelijk nog niet van gekomen.

En met het eiland bedoel ik Koh Yao Noi. De kleinere broer van het nabijgelegen Koh Yao Yai.

Ik pak m’n tas alvast in. Het ontbijt sla ik over. Zo snel mogelijk een mountainbike zien te vinden om de eilandontdekking te beginnen. Gelukkig heb ik daar gisterenavond al een goed adresje voor gevonden.

Koh-Yao-Noi-strand-2

Het strand vlakbij mijn bungalow

Jammer dat ik me niet al te fit voel, maar het is nou eenmaal zo. Ik hoop bijzondere plekken te gaan zien, zoiets geeft vaak een dot extra energie. In een ander artikel heb ik gelezen over een verlaten strand, mangrovebossen en heel veel groen.

Klinkt geweldig hè?

 

Koffie en sticky rice

De fiets is gehuurd en ik rijd langs de oostkant richting het zuiden. Bij de eerste de beste pinautomaat stop ik om geld te halen. En daarna zie ik tot mijn verbazing een koffiezaakje genaamd Coffee Time. Ik kies ervoor om te stoppen. Ik heb immers nog niet ontbeten en cafeïne kan ik ook wel gebruiken.

Coffee Time Koh Yao Noi

Een goed begin van de dag is het halve werk – rechts mijn fiets

Nadat ik een ijskoffie heb besteld, vraagt een Thai aan me waar ik vandaan kom. Wanneer ik Nederland zeg, begint de man dingen zoals “dankjewel” en “lekker” te roepen. Wel grappig.

IJskoffie Koh Yao Noi

Lekker!

Als ik eenmaal zit, krijg ik sticky rice met mango en jackfruit aangeboden van een slanke man en een, met alle respect, vrij flinke dame. Een ietwat aparte combi met koffie misschien, maar het smaakt prima. Sowieso werd het tijd om de nodige koolhydraten binnen te krijgen.

Het is inmiddels 10 uur, wat me doet beslissen om door te gaan. Ik bedank de eigenaar voor de erg lekkere koffie en ben ervandoor. De andere Thai, die overigens een koffie met een opvallend roze schuimlaagje heeft besteld, zegt nog een paar keer “doei”.

 

Het lokale leven

Hoe verder ik afraak van de oostkust, hoe meer ik het lokale leven op Koh Yao Noi te zien krijg. Deze kleurrijke bloementuin bijvoorbeeld:

Op een veldje zijn kinderen gepassioneerd aan het voetballen. Ik kan nu linksaf slaan of rechtdoor gaan. Het meest logische lijkt me om de hoofdweg te vervolgen. Rechtdoor dus.

Kort daarop stop ik bij een uitnodigend kraampje vol met ananassen:

Ananas Koh Yao Noi

Slechts 20 baht voor een exemplaar, gesneden en wel. Iets van 50 eurocent. Een lekkere toevoeging aan mijn ontbijt van net. De aanwezige huispoes krijg ik er gratis bij. Zij (daar ga ik gemakshalve maar vanuit), geeft kopjes tegen m’n schenen en gaat vervolgens voor me liggen. En wel met een verwachtingsvolle blik iets van me te krijgen:

Fruit lust ze, zoals ik al dacht, niet. Het had echter gekund, ik heb eerder in Indonesië namelijk al meerdere katten rijst zien eten. Dat is misschien geen fruit, maar opvallend toch zeker.

Als ik weer op de fiets zit, probeer ik mijn offline maps erbij te pakken. Maps.me, misschien ken je de app wel. Het probleem is alleen dat ‘ie niet werkt. Nog nooit gehad. Op de bonnefooi dan maar.

Een stukje verder sla ik een zijstraat in. Wie weet wat ik tegenkom. De bosachtige omgeving is heerlijk om doorheen te rijden. Geen verkeer, wel de rust van de natuur.

Natuur Koh Yao Noi

Dit landschap vol natuur is echt heerlijk om doorheen te rijden

Het geluid van tjilpende vogels is het enige wat ik hoor. Zo nu en dan zie ik diverse eenvoudige huisjes en vissersboten liggen. Toeristen komen hier volgens mij zelden.

Vissersboten Koh Yao Noi

Een kleine vissershaven

Tot m’n verrassing kom ik weer uit op de hoofdweg bij het voetbalveldje. Precies, die weg waar je dus tevens linksaf kon gaan. Daarom keer ik om en ga ik terug naar het punt waar ik van diezelfde hoofdweg ben afgeslagen.

 

Een weg met chillende katten

Nog verder naar het zuiden of het avontuurlijker ogende weggetje inslaan dat rechts van me ligt? Ik kies voor het laatste, ook aangezien er ‘pier’ staat op de weg die verder naar het zuiden gaat. En havens zijn meestal niet de meest spannende omgevingen om op af te koersen.

Waar ik nu heenga? Geen idee eigenlijk.

Rechts van me zie ik honderden rubberbomen, terwijl de linkerkant volstaat met kokospalmen. Wat is het eilandleven toch heerlijk.

Aan de ene kant rubberbomen…

Palmbomen Koh Yao Noi

… En aan de ander kant palmbomen

Voor me lijkt iets van plastic op het asfalt te liggen. Wanneer ik dichterbij kom, wordt echter al snel duidelijk dat het om drie in elkaar gefrommelde katten te gaan:

Katjes Koh Yao Noi

Het is iets dat op Koh Yao Noi vrij normaal is: katten of poezen die midden op de weg liggen. Zich totaal niet bewust van het mogelijke gevaar.

Als ik net wegga, zie ik een vrouw en een kind stoppen bij de beestjes. Ik ga op de -zo zou later blijken Australiërs af-, voornamelijk om te vragen of zij een idee hebben waar dit pad naartoe gaat. Schijnbaar naar het westen, toevallig precies de kant van het eiland die ik zoek. Het meisje legt de katjes meer naar de zijkant toe, zo worden ze in tenminste niet aangereden.

Ik stop nog even om een water te halen en zie tegelijkertijd een groep fietsers op de brug pauzeren. Ik begeef me dus ergens op de juiste route. Ondanks dat van een route nauwelijks sprake is. Ik doe namelijk maar wat. De vrouwtjes, in de minimarkt waar ik net water heb gekocht, bevestigen inderdaad, net als de twee Australiërs van daarnet, dat ik richting het westen rijd. Ik vraag nog aan ze of ze gember in voorraad hebben voor m’n keel, volgens mij begrijpen ze me alleen niet.

 

Mangrovebossen en rijstvelden

De westkant van Koh Yao Noi bestaat grotendeels uit mangroves en relatief weinig strand. Dit is ook meteen de reden waarom de meeste accommodaties in het oosten liggen.

Maar wat is het hier mooi. Met name de variatie triggert me. Bomen die onder half onder water staan aan de ene kant, en groene uitgestrekte rijstvelden met buffels en reigers aan de andere:

Of ineens hele dichte bebossing:

Dan kom ik drie honden tegen waarbij ik even twijfel om door te rijden. Er is namelijk niemand die me in een ongunstig geval kan helpen. Gelukkig gedragen de beesten zich uiterst kalm en lijken ze totaal niet geïnteresseerd in me.

Koeien? Ja, die leven ook op het eiland. Komisch genoeg ligt er een te relaxen voor het bord wat aangeeft dat je als bestuurder op je hoede moet zijn, aangezien er wel eens zo’n dier op zou kunnen duiken.

Illustrerender kan het niet zijn

Naast de weg zie ik een vervallen hutje waarin drie geiten staan en er nog een op de grond ligt:

Op het eind kom ik nog langs een klein strand, als je het mij vraagt nagenoeg de enige plek in het oosten waar je kunt zwemmen.

Een afgelegen strand aan de westkant van Koh Yao Noi

En een stukje daarvoor het strand dat grenst aan de mangrove

En dan is daar het punt waar alles stopt. Geen weg meer.

Ik ga terug en kom nog twee Thaise kindjes tegen die me in het Engels groeten. Als ik vervolgens “Sabaidee krap” naar ze roep, roepen ze datzelfde redelijk hard terug. Het is Thais voor ‘hoi’ of ‘doei’.

 

Verdwaald in het bos

Een wegbordje geeft aan dat de helling 8% bedraagt. Het lukt me allemaal net, al trap ik een keer door m’n versnelling heen waarbij ik bijna van m’n fiets afdonder. Een klein schaafwondje op m’n teen is de enige schade. Toch baal ik lichtelijk.

Even daarvoor ben ik trouwens gestopt voor een korte lunch. Geen rijst deze keer, ik ga voor vier bananen. Vanwege de snelle suikers goed voor de energie. Ik moet lachen als een vrouw grijnzend tegen me zegt dat bananen niet voor mannen zijn maar voor vrouwen. Met de bedoeling die jij en ik beide snappen. Alles behalve zo’n uitspraak had ik verwacht uit de mond van een moslima.

Via een lange rechte weg kom ik terecht in een bos met her en der werkplaatsen die in geen jaren gebruikt lijken te zijn. Verder zie ik drie slaperige koeien liggen.

Zit ik wel goed?

Als het pad op een geven moment ophoud, is mijn conclusie duidelijk: nee. Ik roep nog even hard “hello”, maar het gehoopte antwoord blijft uit. Niemand te bekennen.

Lost in the forest

Daarom ga ik terug en vraag ik aan een voorbijkomende Thai of de straat, waar hij net uitkomt gereden, naar de stranden in het oosten leidt. Hij zegt dat dit het geval is, dus de keuze is snel gemaakt.

 

Een droomstrand voor mezelf

Ineens zie ik een bord met een pijl die naar links wijst. Er staan de volgende woorden op: “Beach Hostel”.

Zou hier dan zo’n typisch idyllisch strand liggen?

Alles in me zegt dat ik deze straat in moet gaan. Behalve het bord is er overigens geen enkel spoor van een strand te bekennen.

Tja, en als dan op een geven moment talloze splitsingen ontstaan, weet ik het even niet meer. Ik besluit aan een local te vragen of er in de buurt ergens een strand te vinden is. Hij zegt dat ik verder moet rijden.

Maar juist wanneer ik dit doe, zie ik twee Oostblokkig uitziende personen op de scooter tegen me inrijden. “Is there a beach?” is de vraag die ik aan ze stel. Ze geven aan geen idee te hebben en net zoals ik zoekende te zijn.

Als blijkt dat we nauwelijks wijzer worden van de kaart op hun telefoon, gaan we allen gewoon die kant op. Ik zie het wel.

En wat denk je?

Vrijwel meteen daarna staat er een bord langs de weg met de tekst: ‘Yaow Beach’.

Yaow Beach

Yaow Beach, en misschien meer, is in zicht

Goed nieuws dus. Wat voor strand dit is, ik zou het niet weten. Maar ik heb zo’n voorgevoel dat het best wel eens iets paradijselijks kan zijn.

Doorweekt van het zweet kom ik bij een punt waar enkele mensen staan. Zoekend naar zee en zand. Onder andere de twee die ik net ontmoet heb. Ze zeggen niet verder te kunnen met de scooter. Eerlijk gezegd snap ik er weinig van, want met de mountainbike gaat het vrij makkelijk.

Apart, want uit het niets ligt er een geasfalteerd stuk wegdek dat naar een, zoals ik vermoed weinig gebruikt, bospad leidt. Dat men hier is opgehouden met wat ooit een project was, blijkt uit deze bulldozer die ogenschijnlijk enkel en alleen als decorstuk dient:

Het gedeelte waar ik nu ben beland, is een beetje lastig om op te rijden. Nogal hard en met flink wat hobbels. Het is een soort groot bos.

Hoe kan hier in godsnaam een strand liggen?

Maar dan is daar het eind, en ben ik aangekomen bij een plek waarvan je het in eerste instantie -mede om hetgeen ik net zeg- niet zo snel gelooft:

Droomstrand Koh Yaoi Noi

En het mooie is: ik ben de enige.

Van dit soort dingen krijg ik altijd een hoop positieve energie. Daarmee bedoel ik niet zozeer het alleen ergens zijn, maar meer het doen van een inspanning waarbij je uiteindelijk op schitterende, bijna droomplekken, uitkomt. Het Nusa Penida-gevoel is vergelijkbaar.

Op de weg terug kruis ik een Russisch -of Oekraïens, al schat ik die kans kleiner- meisje tegen wie ik vertel over de prachtige setting die ik enkele minuten ervoor heb aangetroffen. Ook zij beweert niet met de scooter verder te kunnen, wat -wederom- naar mijn beleving eigenlijk best kan. Lopen is overigens verre van een straf en misschien wel de beste optie. Ik maak haar duidelijk dat het slechts een minuutje of 10 is.

Dan bereik ik het punt waar ik eerder al andere mensen zag staan. Hier zou nog een strand moeten zijn, al weet niemand dit met zekerheid.

De kant van de zee op wandelen dan maar.

Ik loop eerst door een blubberweg waarin ik compleet wegzak. Gek genoeg houden mijn voeten het droog. Zelfs de rechter, terwijl er toch een flinke scheur in de schoen zit.

Doorgaan is, gezien het continue wegglijden, niet bepaald slim. Zodoende keer ik om en kijk of er een ander pad is. Door het gras is iets wat daar het meeste op lijkt.

En inderdaad, daar ligt ze. Het megastrand:

Yaow Beach 2

Schitterend, al had de kleine, meer verborgen, baai voor mij meer charme. Maar wat is het hier mooi. Als het water nou ook nog superhelder was geweest, dan was het plaatje helemaal compleet. Ach ja, je kunt niet alles hebben hè?

Ik raak voor even aan de praat met een stelletje uit Hongkong over de azuurblauwe waterkleur rond Koh Nang Yuan, vlakbij Koh Tao, en Koh Lipe. Wat me het meest is bijgebleven uit dit spontane gesprek? Dat de vrouw in alle serieusheid tegen me zegt $300 voor een nachtje op het Koh Nang Yuan Resort goedkoop te vinden.

Daarna cross in hoog tempo terug richting Pasai Beach waar m’n moeder en haar vriend op me wachten. We gaan vanmiddag namelijk naar Krabi. Hieronder zie je nog twee foto’s die ik onderweg heb gemaakt:

Jammer dat ik niet wat langer op Koh Yao Noi ben geweest, maar samen reizen is een kwestie van geven en nemen. Ik ben in ieder geval blij en dankbaar op deze speciale bestemming geweest te zijn.

***

Al met al is Koh Yao Noi echt een fantastisch eiland. Het landschap is divers, ze is compact en daarmee goed in een dagje te ontdekken. En met een beetje inspanning kom je bij de mooiste plekjes uit.

Aan de oostkust liggen veel gezellige restaurantjes en leuke accommodaties in allerlei prijsklassen. Huur een fiets of scooter en je bent in ongeveer vijf minuten van het ontwikkelde gedeelte in het lokale leven beland. Middenin de natuur.

Ik hoop voor jou dat je er ooit ook eens een kijkje gaat nemen.

Ga jij backpacken in Azië?

Backpackgids-Azie-bannerDan ga ik je graag helpen 🙂 . Samen met een team van Azië-kenners heb ik Backpackgids Azië ontwikkeld. De missie is duidelijk: zorgen dat jouw reis een groot succes wordt.

Onder meer de volgende issues komen aan bod:

Hoe stippel ik een route uit? Welke route(s) kan ik volgen? We geven je er meer dan 70.
Hoe kan ik kosten besparen en toch maximaal genieten?
Hoe blijf ik veilig en gezond tijdens mijn reis?
Waar moet ik als backpacker zijn?
Welke cruciale dingen mag ik niet vergeten voor ik vertrek?
Welke accommodatie past bij mij?

Wil jij meer weten over het meest complete Nederlandstalige backpackpakket voor Azië-reizigers?

Arrow

Naar de aanbieding!

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

*